Dominotheorie
14 April 2007
By on 07:36

Over de spoedige nederlaag van Frankrijk bestond in de lente van 1954 geen twijfel meer. De Amerikaanse regering was daar zeer ongelukkig over want het communisme zou een stap vooruit doen. Over de vraag wat er aan deze situatie gedaan moest worden, bestond in de Amerikaanse regering onenigheid.
De Franse nederlaag bij Dien Bien Phoe stelde de regering van Eisenhower voor een moeilijke en pijnlijke beslissing: moesten de Verenigde Staten de plaats van Frankrijk in de oorlog tegen Indo-China overnemen.
Een argument voor interventie in Vietnam was de ‘domino-theorie’. Dit hield in dat het verlies van Indo-China onvermijdelijk het verlies van het overige Zuidoost-Azië aan het communisme zou veroorzaken. De landen van Zuidoost-Azië werden vergeleken met overeind staande dominostenen, die allemaal zouden omvallen door de val van de eerste steen, Indo-China.
Dit vooruitzicht was zo verontrustend dat vooraanstaande personen in de regering van Eisenhower (vice-president Nixon, de minister van buitenlandse zaken Dulles en admiraal Radford) Amerikaanse interventie in Vietnam bepleitten om dat te voorkomen.
De leiders van Huis en Senaat, die over de situatie geraadpleegd werden, voelden niets voor Amerikaans optreden.
Dulles en de luchtmachtgeneraaals wilden ingrijpen, de landmacht was tegen interventie en Eisenhower aarzelde.
Eisenhower maakte tenslotte het Amerikaanse militaire ingrijpen afhankelijk van Engelse steun. Omdat de Engelsen daar natuurlijk niets voor voelden, leden de Fransen de verwachte nederlaag en werd de Amerikaanse interventie nog tien jaar uitgesteld.

[Bron: http://www.kinderenwebhotel.be/WO_tijd/vietnamoorlog.htm]

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>